Preek vader abt 6 januari 2020 Driekoningen

Openbaring van de Heer
En als de wijzen nu eens vrouwen waren geweest? Zo luidde een nieuwjaarswens die ik alweer vele jaren geleden van zr. Karin van de Lioba’s ontving. Echt een vraag die pas in onze dagen bij mensen opkomt, een wensdroom, die dan ook uit een vrouwenklooster kwam. In het Limburgs betekent wiesvrouw trou¬wens vroedvrouw, verloskundige, dus die waren in de geboortegrot goed van pas gekomen, en ze worden in de Oosterse iconografie ook bij het kerstgebeuren afgebeeld. De opsteller van die nieuwjaarswens had haar fantasie duidelijk laten werken. Als de drie wijzen vrouwen waren geweest, dan hadden zij met hun intuïtie vast de weg vlugger hebben gevonden. Die omweg via Jeruzalem, en die navraag bij Herodes zouden zij niet nodig hebben gehad. Dus waren zij eerder in Bethlehem aangekomen, en zij hadden Maria goed kunnen helpen. Kortom, zij zouden de heilige familie van veel meer nut zijn geweest. Maar na afloop, zou ging het verhaal verder, zouden zij op de terugweg elkaar het nodige te zeggen hebben gehad: : “Zag je die jurk, die Maria aanhad? Die Jozef, wat zou die eigenlijk doen voor de kost? Volgens mij was hij werkeloos! Zag je dat het Kindje helemaal niet op Jozef leek? Die dieren, zo vlakbij die baby, dat zou toch niet mogen! Kritiek te over. Maar goed dus, dat de wijzen mannen waren.
Hoe geliefd het evangelieverhaal van deze feestdag van oudsher steeds geweest is blijkt alleen al uit alle details waarmee de overle¬vering het heeft opgsmukt. In onze fantasie is het veel meer inge¬kleurd dan waartoe Matteüs aanleiding geeft.
Wij kennen het getal van de wijzen: met z’n drieën waren ze; ieder uiteraard met z’n eigen gevolg, dienstvolk en kamelen. Wij kennen hun waardigheid: het waren koningen, en hun herkomst: uit Chal¬daea, Perzië en Ethiopië. Wij weten hoe zij heetten: Kaspar, Melchi¬or en Balthasar. Ja, de gelovigen hebben zelfs hun heilige lichamen bewaard. Zo lezen we in de Annales Egmundenses in het jaar 1167 een uitvoerige aantekening over de translatie van hun lichamen vanuit Milaan naar Keulen. Reden waarom pater adri Huyg indertijd de te bouwen abdijkerk heeft willen laten toewijden aan de HH Driekoningen.
Het intieme gebeuren van Jezus’ geboorte te Bethlehem krijgt er door hun aanwezig¬heid een dimensie bij. De engelen duiden de betrokkenheid van de hemel aan, de aanwezigheid van de herders laat zien dat arme en kleine mensen niet zijn uitgeslo¬ten, maar integendeel bij voorkeur welkom zijn, de wijzen uit verre landen, met hun exotische geschenken tonen de wereldwijde betekenis aan van de geboorte van dit kind. Hun aanwezigheid is een teken van de universaliteit van de redding die de Zoon van Maria brengt.
Die universele dimensie van de verlossing wordt door het feest van vandaag bijzonder onderstreept.
De christenen hebben steeds geworsteld met het probleem dat Jezus door zijn eigen volk nooit is erkend als de langverwachte Messias. Wel waren zijn eerste leerlingen zo goed als allen joden, maar het christendom heeft toch een veel grotere versprei¬ding gekregen buiten de kringen van het joodse volk. Langzamerhand nam het in de wereld de plaats in van de heidense godsdienst en werd het de officiële religie van het romeinse rijk.
Met het jodendom, waarvan het aanvankelijk een secte leek, was het toen al tot een breuk gekomen, een kloof die mettertijd dieper werd, en die fatale gevol¬gen zou hebben in de geschiedenis, tot groot nadeel van beide partijen.
In onze dagen zijn de ogen van velen weer geopend voor dit pro¬bleem, maar ook in de jonge kerk, lang voordat de scheiding zo definitief was, brak men zich het hoofd hierover.
Het evangelie van Matteüs is ontstaan in het joods-christelijk milieu van Galilea, tussen mensen die vanuit de bijbel leefden, maar die op gespannen voet stonden met de officiële leiders van Israël. In hun ogen is er geen breuk tussen wat wij het O.T. en het N.T. noemen, maar is Jezus de vervulling van Gods beloften aan de vaderen gedaan, en breekt in Hem het universele heil aan, waarvan de oude teksten getuigen. Denk maar aan Jesaja 60, waaruit wij hoorden lezen, of aan de psalm van deze feestdag, ps. 72.
De fout van de officiële leiders van het Israël van toen was dat zij zich de tekst van die beloften zo hadden toegeëigend, dat zij God geen ruimte lieten om ze in hun volheid uit te voeren. Zij hielden krampachtig vast aan het verleden, en stonden de voortgang van het heil in de weg. Zij schoten te kort in ontvankelijkheid, in geloofsge¬hoorzaamheid, en in offerbereidheid. Matteüs maakt duidelijk dat er geen breuk is tussen het volgen van Jezus en geloofstrouw aan de heilige geschriften van Israël. Zijn tekst is vol van verwijzingen naar de heilige boeken. Hij wil laten zien hoe heel de traditie heenwijst naar Jezus. Alle grote figuren uit het verleden zijn voorafbeeldingen van Hem, de Christus. Jezus is de nieuwe MOZES, die ontsnapt aan de wrede kindermoord van Farao.
ls Mozes wordt Hij uit Egypte geroepen. Hij is de nieuwe DAVID, boven wie de messiaanse ster straalt van Bileams profetie: “Een ster komt op uit Jacob, een scepter rijst op uit Israél.” Hij is de nieuwe SALOMO, naar wie de wijzen uit het Oosten komen om zich te verzadigen aan een wijsheid die groter is dan die van Salomo. De evangelisten slaan de boeken van Gods volk niet dicht om iets heel nieuws te gaan schrijven, maar zij leren de bijbel te lezen in het licht van Jezus, en met nieuwe ogen. Dat vraagt om een open houding, want wij ontmoeten de God van Abraham die vraagt om alles achter te laten en Hem te volgen, de God die de mens beproeft, maar hem dan ook uitleidt en bevrijdt, en al zijn verwachtingen overtreft met onvoorstelbare heerlijkheid.
Het feest van vandaag toont ons, die van verre op weg zijn naar het kind, dat God bereid is onze schreden te leiden en ons pad te verlichten met een ster van hoop. Het laat ons zien dat in zijn plannen ruimte is, dat zijn heil grenzen overschrijdt.
Het is volop actueel, want paus Franciscus, die met zijn spiritualiteit en zijn liefde dicht bij de stal van Bethlehem staat omdat God zich daar in alle menselijkheid doet kennen, heeft te maken met de mentaliteit die ten tijde van Jezus’ geboorte heerste in het conservatieve Jeruzalem dat zich niet openstelde voor Gods heilsplan.
Moge veler hart overstromen van vreugde en dankbaarheid om dit Kind, waarin Gods wijsheid en goedheid openstaat voor alle mensen van goede wil.

Nieuwsbrief

Schrijf u vrijblijvend in en blijf op de hoogte van de activiteiten van Abdij van Egmond.

We respecteren uw privacy. Sint-Adelbertabdij zal uw e-mailadres nooit delen met derden.
© 2024, Abdij van Egmond Algemene voorwaarden