Preek Abt Thijs 13 december 2020

Badv3 2020 13 dec Jes. 61,1-2a.10-10; 1Tes.5,16-24; Joh. 1,6-8.19-28

Had het mooier gekund? ‘Wees altijd verheugd’, met die tekst van Paulus begonnen wij broeders vorige week zondag onze jaarlijkse retraite. En vanmorgen, nu wij onze retraite afsluiten, keert diezelfde tekst in de liturgie als een slotakkoord van de retraite terug.

‘Wees altijd verheugd’, het was de grondtoon van onze bezinning aan de hand van de apostel Paulus. En het virus mag dan veel onmogelijk maken, het bood ons de kans om via ZOOM door broeder Benoit Standaert te worden ondergedompeld in de rijkdom van Paulus zijn Christus’ beleving.

‘Wees altijd verheugd,’ is er iets meer tegendraads in deze dagen waar zoveel wordt geklaagd om wat allemaal niet kan of mag nu het virus nog steeds rondwaart. Zeker, de pandemie heeft een geweldige impact op onze samenleving in het groot en in het klein, maar vanuit welke grondtoon reageer je daarop. Zie je enkel beperkingen of zie je ook onvermoede mogelijkheden en kansen. Misschien geboren uit pijn en verlies, maar niettemin poorten naar nieuw leven. Dat werd onlangs nog schrijnend en indrukwekkend verwoord in het interview dat Jacobine Geel had met Edith Eger. Als 16-jarige in Auschwitz beland, bouwde ze na de oorlog meer dood dan levend een nieuw leven op en weet ze nu als 94-jarige nog mensen te helpen om voor het leven te kiezen, vanuit welke miserie dan ook.

Waar kies je voor? Nee, Eger had geen keuze, ze werd naar Auschwitz gedeporteerd, maar wel had ze de keus, zo zegt ze, of ze haar innerlijke woning vrij hield of liet bewonen door de beulen.

Wat is de grondtoon van ons leven als gemeenschap, als kerk, maar ook als individu?  Elk mens draagt een melodie in zich, maar het is de kunst die tot klinken te brengen en je door haar te laten dragen. Wij broeders zullen zo dadelijk onze professie vernieuwen met het zingen van een vers dat je elk uur van de dag zou kunnen hernemen als de melodie die je leven draagt, ook op dagen dat het tegenzit. Ja, juist dan, mag je je laten dragen. Dat is de kracht van zo’n gezongen tekst.[1]

Elk van de lezingen van deze zondag bevat minstens één melodie die ons leven kan dragen. Welke voor ieder is weggelegd, kom je maar op het spoor als je die teksten een aantal keren rustig leest en in je hart laat resoneren. Wat gebeurt er in je als je uit de eerste lezing de woorden bij je laat binnenkomen: ‘Hij heeft mij bekleed met het kleed van het heil’. Hoe zou je dag eruitzien als je die bij het opstaan zou beginnen met deze tekst- en liefst nog gezongen ook. Het is een woord dat je kan optillen, dat je kleedt in een waardigheid die anderen je misschien ontzeggen, maar die God je geeft. En voor een gedoopte klinken bij die zin nog andere woorden mee. In de doop zijn wij met Christus bekleed. Wij zijn zogezegd in het nieuw gestoken met alles wat dat aan leven en toekomst inhoudt. Een melodie die glans geeft aan het leven, zelfs in dagen dat alles grijs en grauw is. Een melodie die klinkt als een klok. Krijgt ze bij jou de klankruimte?

En dan het begin van de tweede lezing: ‘weest altijd blij,’ ‘verheugt u te allen tijde’ is een andere vertaling. Die woorden geven vanouds de naam aan deze adventszondag. ‘Gaudete’ in het latijn. ‘Verheugt u in de Heer te allen tijde’. Is daar wel reden toe, zal de een of ander misschien opmerken. Heb je dan het laatste nieuws niet gelezen.  Maar wordt ons leven dan bepaald door het laatste nieuws of is er juist te midden van alles wat op ons afkomt, een woord, dat ons ondanks alle stormen van het leven de moed niet doet verliezen. Meer nog, dat ons vervult van een stille vreugde omdat we ons bemind weten, gedragen en gesteund. ‘Verheugt u in de Heer te allen tijde’, omdat we worden bemind, omdat God zelf zich naar ons heeft toegebogen, zijn leven met het onze heeft verbonden en Hij met ons gaat. ‘Verheugt u in de Heer te allen tijde’, zou het je ochtendgebed kunnen zijn? Hoe zou dat kleur geven aan je dag ongeacht wat die brengen zal?

En dan het evangelie. Dat lijkt in een andere toonsoort te staan dan de overige lezingen. Maar ook daarin ligt een melodie verscholen. Misschien vinden we die in het woord van Johannes: ‘ik ben de stem van iemand die roept in de woestijn’. In die melodie komen twee lijnen samen en ze geven er een geweldige spanningsboog aan. Johannes leent zijn stem, hij wordt stem voor iemand anders. Daarmee wordt zijn bestaan boven zichzelf uitgetild. Hij vindt zijn vreugde in het leven van die ander die hij aankondigt. Het is een terugtreden en een ruim baan maken, hij maakt plaats voor het licht.

Het leven van Johannes de Doper is niet over rozen gegaan, integendeel. Zijn getuigenis kwam hem duur te staan, maar als voorloper van het Licht is zijn leven tenslotte opgenomen in het Licht dat hij heeft aangekondigd.

Ík ben de stem van iemand die roept in de woestijn’, misschien vraagt die melodie langere tijd om er de kracht en diepte van te horen. Het zijn niet enkel dissonanten zoals je aanvankelijk misschien meent. Ze lossen op in een polyfonie waarin vertrouwen op een innerlijke stem en overgave aan een nog ongekend lied vreugde schenken aan deze voorloper van de Heer.

Leven met een melodie, wij monniken mogen er zo dadelijk stem aan geven bij de hernieuwing van onze professie. Moge de Geest er de zuivere toon aan geven en bidden wij voor elkaar en heel Gods volk, dat ieder de melodie mag horen en vertolken die in zijn hart verborgen ligt. Tot lof van Gods naam en tot vertroosting en bemoediging van heel Gods volk. AMEN.

[1] De tekst die gezongen wordt, luidt: Neem ons Heer zoals wij hier nu zijn, sla uw leven als een mantel van licht om ons heen, verlaat ons nooit en doe met ons zoals uw hart U ingeeft.

Nieuwsbrief

Schrijf u vrijblijvend in en blijf op de hoogte van de activiteiten van Abdij van Egmond.

We respecteren uw privacy. Sint-Adelbertabdij zal uw e-mailadres nooit delen met derden.
© 2024, Abdij van Egmond Algemene voorwaarden